Begrippenlijst

Kinderopvang van A tot Z

Definities van de Nederlandse kinderopvang-termen die je tegenkomt op Opvango, in inspectierapporten en op de Belastingdienst-pagina: KDV, BSO, KOT, LRK, IKK, VVE en meer.

Kinderdagverblijf (KDV)
Een kinderdagverblijf vangt kinderen op van 0 tot 4 jaar, hele dagen of dagdelen, vijf dagen per week. Een KDV heeft vaste pedagogisch medewerkers per groep en een dagritme rondom slapen, eten, spelen en ontwikkeling. KDV's vallen onder het Landelijk Register Kinderopvang (LRK) en komen daarmee in aanmerking voor kinderopvangtoeslag.
Buitenschoolse opvang (BSO)
Buitenschoolse opvang vangt schoolkinderen van 4 tot 12 jaar op vóór en na schooltijd en tijdens schoolvakanties. Het accent ligt op ontspanning, activiteiten en sociale contacten — soms inclusief vervoer van en naar school.
Peuteropvang (PO)
Peuteropvang (vroeger peuterspeelzaal) is opvang voor kinderen van ongeveer 2 tot 4 jaar, doorgaans halve dagen, gericht op spelend leren en voorbereiding op de basisschool.
Gastouderopvang (GOB / GO)
Gastouderopvang is kleinschalige opvang bij een geregistreerde gastouder thuis of bij de ouders thuis, voor maximaal zes kinderen tegelijk. De gastouder is aangesloten bij een geregistreerd gastouderbureau (GOB) dat de bemiddeling, begeleiding en betalingen verzorgt.
Kinderopvangtoeslag (KOT)
De kinderopvangtoeslag is een tegemoetkoming van de Belastingdienst voor ouders die werken, een opleiding volgen of een traject naar werk doen. Het bedrag hangt af van het inkomen, het aantal opvanguren en het uurtarief van de opvang, met een door de overheid vastgesteld maximum-uurtarief per opvangsoort.
Landelijk Register Kinderopvang (LRK)
Het Landelijk Register Kinderopvang is het officiële overheidsregister van alle erkende kinderopvanglocaties in Nederland. Iedere locatie heeft een uniek LRK-nummer; alleen geregistreerde locaties komen in aanmerking voor kinderopvangtoeslag.
GGD (Gemeentelijke Gezondheidsdienst)
De GGD inspecteert kinderopvanglocaties in opdracht van de gemeente. De inspectierapporten — over pedagogiek, veiligheid, hygiëne en personeel — zijn openbaar en raadpleegbaar via het LRK.
Wet Innovatie en Kwaliteit Kinderopvang (IKK)
De Wet IKK (sinds 2018) legt kwaliteitseisen vast voor de Nederlandse kinderopvang: opleidingseisen voor pedagogisch medewerkers, verplichte coaching, beroepskracht-kindratio (BKR), mentoring en een vast gezicht voor baby's.
Voor- en Vroegschoolse Educatie (VE / VVE)
VVE is een programma voor peuters en kleuters met (een risico op) een onderwijsachterstand. Op VVE-locaties werken pedagogisch medewerkers met erkende methoden om woordenschat, sociale en motorische vaardigheden te stimuleren.
Verklaring Omtrent Gedrag (VOG)
Een VOG is een verklaring van het Ministerie van Justitie en Veiligheid dat iemand geen strafbare feiten op zijn naam heeft die het werken met kinderen in de weg staan. Iedereen die structureel met kinderen werkt in de opvang moet een geldige VOG hebben.
Beroepskracht-kindratio (BKR)
De wettelijke beroepskracht-kindratio bepaalt hoeveel pedagogisch medewerkers minimaal aanwezig moeten zijn per leeftijdsgroep. Voor baby's 0–1 jaar is dat 1 op 3, voor 1–2 jaar 1 op 5, en voor 2–4 jaar 1 op 8 (uitzonderingen daargelaten).
Stamgroep
Een stamgroep is de vaste groep waarin een kind dagelijks wordt opgevangen, met vaste medewerkers en vaste ruimte. Stamgroepen geven kinderen veiligheid en helpen het opbouwen van hechte relaties met begeleiders.
Wenperiode / Wendagen
De wenperiode is een serie afspraken vóór de daadwerkelijke startdatum waarin een kind (en de ouder) kennismaakt met de opvang, de medewerkers en het ritme. Wendagen zijn doorgaans kosteloos of tegen gereduceerd tarief.
Pedagogisch beleid
Het pedagogisch beleidsplan van een opvang beschrijft de visie op opvoeden en begeleiden — bijvoorbeeld Reggio Emilia, Montessori, Pikler of een eigen pedagogische lijn. Iedere geregistreerde opvang is verplicht een actueel pedagogisch beleidsplan te hebben.
Mentor (vast gezicht)
Sinds de Wet IKK krijgt ieder kind een vaste mentor: een pedagogisch medewerker die de ontwikkeling volgt, oudergesprekken voert en aanspreekpunt is voor het gezin.
Niet-uniforme opvang (NUO)
NUO verwijst naar opvangvormen buiten KDV/BSO/peuteropvang/gastouder — denk aan flex-opvang, weekend- of avondopvang en nachtopvang voor specifieke beroepsgroepen.